| Veertigers |
| Artikels - Artikels |
![]()
Na vele jaren van proberen in binnen- en buitenland wil ik eindelijk eens een vijftigponder vangen. In het voorjaar van 2008 wordt er met Rico Vielvoije, de eigenaar van Energy Baits, een plan uitgewerkt om deze droom eindelijk in vervulling te laten gaan. We kiezen voor twee grote wateren van dertig tot veertig hectare die relatief dicht bij huis liggen. Als aas kies ik voor een birdfood boilie die mij door Rico in voldoende hoeveelheid ter beschikking wordt gesteld. Voordat ik de uitgekozen wateren aanpak ga ik in april met Robert en een andere vismaat eerst nog een weekje naar La Horre in Frankrijk. Gezamenlijk weten we daar 54 karpers te vangen met enkele uitschieters. Vier vissen wegen boven de veertig pond, waarvan de zwaarste vis een schitterende spiegelkarper van 47 pond is die door Robert wordt gevangen. Helaas verspeel vlak voor het net een nog groter exemplaar waardoor de eerste kans op mijn droomvis verkeken is. In
mei is het tijd voor de eerste sessie op een van onze thuiswateren.
Bij aankomst blijkt het redelijk rustig te zijn met vissers, zelfs
een van de beste stekken is vrij. Deze stek betreft een kleine baai
met wiergroei waar de karpers afpaaien. Ondanks dat hier nog geen
karper aanwezig is besluit ik om hier te beginnen. Rico is al een
paar dagen aan de overkant aan het vissen en hij heeft al een mooie
schubkarper van 24 pond gevangen. Bovendien heeft hij ook enkele
vissen op mijn stek zien
Rico tijdens de rest van de sessie geen vis meer. En in de volgende drie vierdaagse sessie weten hij en ik er in totaal nog maar één karper bij te vangen. Gelukkig blijft er nog genoeg over om van te genieten. Vooral de overvloed aan vogels doet ons goed. IJsvogeltjes vliegen op en af en soms zitten er zelfs twee tegelijk op onze hengels. Dit brengt me bij de woorden van Keith Jenkins, een van de beste Engelse hengelsportauteurs van dit moment: “Naarmate er meer jaren worden afgestreept op mijn persoonlijke kalender, interesseert het mij steeds minder of ik karper vang of dat ik niets vang.” Ik
heb steeds meer plezier om in de buitenlucht getuige te zijn van
alles wat er om me heen gebeurt. Hoe meer ik spreek met gelijk
gestemde vissers, des te meer voel ik dat veel moderne karpervissers
steeds meer verstrikt raken in het jachtige en presterende gedoe.
Helaas is dit in onze maatschappij gemeengoed geworden. Eind
juli pakken Rico en ik de draad weer op en samen weten we diverse
vissen te vangen Rico
Nadat ik de stek van Louw heb overgenomen, voer ik een gedeelte van het voer met de spodhengel. Spodding is als je overdag wilt voeren absoluut noodzakelijk vanwege de hier massaal aanwezige kokmeeuwen. Deze meeuwen laten niet één boilie passeren. Zelfs de aanwezige meerkoeten worden door deze meeuwen onmiddellijk beroofd van het smakelijke hapje. En hoewel dit soms tot vermakelijke taferelen leidt, is het tevens verdomd lastig. Als het ’s avonds donker is wordt het andere gedeelte van het voer met de werppijp gevoerd om zodoende toch de noodzakelijke spreiding te krijgen. Als het kampement staat bepalen mijn vrouw en ik hoe er gevist dient te worden. Aangezien we beiden een vergunning hebben kunnen we met zes hengels vissen. We denken echter dat vier hengels wel genoeg zijn om zodoende niet teveel lijnen in het water te hebben. Gerdine zal met twee hengels naar links en ik met twee hengels naar rechts vissen. Mijn verrassing is groot als binnen een half uur een hengel van mij vertrekt en ik een grote spiegelkarper van 43,4 pond mag fotograferen. Als even later Gerdine aan de beurt is met een niet minder mooie spiegel van 34,1 pond blijkt de voerstek dus goed te werken. Als de beide vissen voor het nageslacht zijn vereeuwigd worden ze terug gezet. Snel stuur ik een sms naar Louw die waarschijnlijk nog niet eens thuis is.
Eerst Koffie ( Jakke - Jose -Louw - Rico) Het
seizoen is geslaagd. Het is waanzinnig maar ondanks deze grote vis
loopt de sessie gewoon door. Na vier dagen keer ik terug op de
‘plaats delict’ waar Rico en Gerdine slechts één karper hebben
gevangen. Maar wat voor één! Het betreft een schubkarper van maar
liefst 47,1 pond. Onvoorstelbaar! Volkomen Ik
vis al meer dan twintig jaar met dezelfde onderlijn. Naar mijn mening
heeft negentig procent van de moderne rigs geen meerwaarde voor onze
visserij. Deze rigs heb ik allemaal uitgeprobeerd maar ik ben er nog
nooit eentje tegengekomen die beter was dan mijn standaard rig. Wel
zijn er rigs die ongeveer net zo goed zijn als mijn eigen rig maar
dat is voor mij geen reden om er mee te gaan vissen. Mijn onderlijn
ziet er als volgt uit. Het
onderlijnmateriaal is 15lb fluorocarbon van Korda en de haak is een
Drennan Continental Voor minder moeilijke kleine wateren waar veel aanbeten zijn te verwachten pas ik mijn onderlijnen aan. In open water gebruik ik dan 24/00 tot 28/00 soepel nylon. Bij obstakels val ik terug naar 15lb gevlochten zinkende onderlijn, meestal van Gardner en een doorlopende hair. Op deze onderlijnen gebruik ik geen krimpkous maar gewoon een stukje zachte tube en tevens een gewone in plaats van een ringwartel. Deze onderlijnen dekken mijn gehele visserij af met zowel een pop-up, een snowman of zinkend haakaas. Ook particles vis ik met deze rig. Het is dan slechts een kwestie van het aanpassen van de lengte van de hair. De enige situatie waar deze rigs niet ingezet kunnen worden is in het wier en in deze situatie zet ik altijd een chod rig in. Inmiddels zitten we in de tweede week van oktober en krijgen Rico en ik er een beetje genoeg van het vele heen en weer rijden, het vissen en de stek bijhouden. Ondanks de goede resultaten blijkt de grote inspanning ons tegen te vallen. Zoals het er nu uitziet besluiten we beide nog een sessie van vier dagen te vissen om daarna te beslissen over het verdere traject. Rico
We zijn uitgenodigd door een gezamenlijke Belgische vriend om een paar dagen op zijn thuiswater te vissen en daar gaan we gebruik van maken. Een telefoontje is snel gepleegd en we kunnen terecht voor een vijfdaagse sessie op zijn circa dertig hectare grote water. Onze vriend zal voor ons enkele dagen voorvoeren zodat we goed beslagen ten ijs komen. Als wij arriveren voor onze geplande sessie zien we een prachtig water voor onze neus liggen waarvan de twee centraal liggende stekken voor ons zijn aangevoerd. Onze vriend vertelt ons dat hij verspreid heeft gevoerd op een waterdiepte van tien meter. Hij verteld ons tevens dat het niet uitmaakt welke van de twee stekken we gaan bevissen, dus Louw en ik loten erom. Ik loot rechts dus Louw pakt de linkerstek. We besluiten beide met twee hengels zo goed mogelijk op de voerplek te vissen en de derde hengel met een single hookbait op het wijd aan te bieden. Als ik klaar ben met alles opzetten en als mijn hengels inliggen ga ik bij Louw kijken. Louw is bijna klaar en alleen zijn derde hengel staat nog tegen de tent aan. Als ik vraag of hij die nog niet in moet gooien, zegt hij: ”Zo dadelijk want de pas gesoakte boilie hangt nog even te drogen”. En hij weet ook nog niet zo goed waar hij de boilie moet aanbieden. Hij besluit uiteindelijk om schuin naar links in te werpen. Als Louw deze hengel op de steunen legt, de waker eraan hangt en zich omdraait om voor ons een biertje te pakken, krijgt hij een piep. “Niets aan de hand”, zegt hij. Dan krijgt hij weer een piep en gelijk begint de top zich te krommen. Onder het slaken van een verbaasde uitroep pakt Louw zijn hengel en zegt tegen mij: ”Rico dit kan eigenlijk niet maar het is duidelijk een grote vis.”
De vis blijft erg rustig en Louw hoeft hem eigenlijk alleen maar een beetje bij te sturen. Na tien minuten zien we onder de kant in het glasheldere water een heel grote schubkarper naar boven komen. De gele boilie hangt als een klein knikkertje links uit zijn bek. Louw roept: ”Deze is nog groter dan die andere!” Bij de eerste poging glijdt de vis al in het net. Als Louw met de vis naar boven probeert te klauteren heeft hij mijn hulp nodig om de zware vis vrij van de grond naar de onthaakmat te dragen. Wat een bak! Na nauwkeurige weging blijkt de schub 57 pond te wegen bij een lengte van 103 centimeter. Wauw! Na het maken van foto’s en film zet Louw de gigant weer terug. We bellen onze vriend en gek scherend zeggen we tegen hem: “Wat nou een moeilijk water?” Dat we de rest van de sessie geen teken van leven meer hebben gezien hoef ik waarschijnlijk niet meer te vertellen. Het is dus wel degelijk een moeilijk water. Louw De laatste twee maanden van het jaar krijgen we op deze moeilijke wateren helemaal geen beet meer. Rest mij alleen nog om de andere karpervissers en het Energyteam te bedanken voor de prettige sfeer die er aan de waterkant heerste. En last but not least een groot woord van dank aan Rico en zijn vrouw Gerdine voor de prettige tijd die wij vissend hebben doorgebracht en voor de schier onuitputtelijke voorraad boilies. Cheers mates!
|



















